Huisje, hormonen, beestje.
Een goed verhaal is vaak ofwel lekker kort (doen we verder helemaal niks mee), of kent een aantal plotwendingen. Dat het verhaal rondom mijn fysieke gesteldheid meer een omnibus van 69 delen is in plaats van een pamflet wist ik al, maar dit is een plotwending die ik wel en niet zag aankomen: mijn testosterongehalte is laag ondanks dat ik dagelijks braaf mijn gel smeer. Mijn hormoonhuishouding is als die van een cis vrouw. Goed nieuws voor mijn ouders, iets minder voor mij.
Lang verhaal kort: ik klaag al jaren bij de VU dat mijn waarden niet goed voelen en vraag om hulp. Zij zeggen "nee kan niet". Klachten escaleren, ik raak steeds vermoeider en vraag uiteindelijk mijn reumatoloog of ze mijn testosteron wil meten. Blijkt dus veel te laag. Sinds een jaar weet ik dat ik een enzymafwijking heb waardoor sommige stoffen te snel worden gemetaboliseerd. De arts die hierover ging zou alles goed uitzoeken met mijn medicatie, en ik gaf alles netjes door aan de 300 ziekenhuizen waar ik kom. Niets gehoord, dus het zal wel goed zijn. Tot mijn reumatoloog belde met deze uitslag, en ik zelf maar ging zoeken. Blijken de afwijkingen die ik heb ervoor te zorgen dat mijn lichaam sneller testosteron afbreekt dan een voetbalhooligan een bushokje. En dat kan dus leiden tot onder andere... Bloedarmoede. Goh. Ik ben nooit zo'n fan van "geboren in het verkeerde lichaam", maar trans zijn en dan een afwijking waardoor je de gewenste geslachtshormonen niet goed gemetaboliseerd krijgt is ergens wel hilarisch. Dus dit is de forced feminization waar ze het altijd over hebben!
De VU kan duidelijk niet de zorg bieden die nodig is, dus moet ik elders manieren vinden om mijn testosteron omhoog te krijgen. Maar hoe dan?
Door met gereedschap te spelen natuurlijk! Niets mannelijker dan zwaaien met zagen en hamers, dan dingen slopen, dan het onderdrukken van je gevoelens en als het even meezit ook minderheden!

Dus gingen we afgelopen weekenden weer richting Bergen op Zoom. Met ons huis schiet het al goed op: we hebben nu niet alleen een vloer, maar ook heuse plafonds en propere muren. En tot Geerts grote genoegen een heuse meterkast! Een mooi huisje waar ons internet kan gaan wonen, zodat ik zo snel als maar kan nepnieuws kan verspreiden via Feesboek.
Een huisje voor ons, een huisje voor ons internet, nu nog een huisje voor onze fietsen. Maar dat is geregeld: we zijn in het trotse bezit van een nieuw tuinhuisje. Deze verkeert alleen in staat van spirituele ontbinding en heeft nu de vorm van een stapel planken. De planken moesten eerst vervoerd worden naar onze tuin met een busje. Een hele klus. Voor Geert dan vooral, niet voor mij gezien ik al buiten adem raak als ik denk aan inspanning. De conditie van een gemiddelde darter dus.


Heel wat laden en lossen later (en bezoekjes van de overfanatieke handhaving) lag er nog meer troep in de tuin dan er in mijn hoofd zit. Om plaats te maken mocht Geert zich uitleven met zijn nieuwe speelgoed: een cirkelzaag. Deze maakte korte metten met het tuinbankje dat er stond, en met mijn lage testosteronniveau.



Helaas is er niets aan ons perceeltje normaal: alles is scheef en er zitten overal rare stukken aangebouwd, net als bij mij. Zo hebben we bijvoorbeeld 2 ophogingen in de tuin. Uiteraard ook waar het tuinhuisje moest komen, met een mooie plaat beton er bovenop. Feest. Maar met mijn nieuwe herwonnen hormoonwaarden moest ik natuurlijk al mijn nieuwe agressie onmiddellijk kwijt - Feyenoord of PSV zal wel verloren hebben ofzo. Ik was zo woest mannelijk dat de drilboor niet eens nodig was: met de hamer kon ik korte metten maken met het beton. Met de nodige pauzes. Om bier te drinken natuurlijk, niet omdat ik zo slap ben als de boterham die je onderin je tas vindt wanneer je terugkomt van een middagje zwemmen.

Daarna begon het NK tegelwippen, zodat we de ophoging konden uitgraven en daar de tegels konden neerleggen die de vloer worden van het tuinhuisje. Zoals menig psycholoog heeft mogen ondervinden kom je bij het graven bij mij veel puin en troep tegen, en in onze tuin was dat niet anders. Mijn kleurtje doet anders vermoeden, maar ik blijk Duits bloed in me te hebben en graven erg leuk te vinden. Al was het wel een aanslag op mijn lijf met alle stenen die we tegenkwamen. En die dus ook weer naar de stort gesjouwd moeten worden. Laat mij maar in mijn zelfgemaakte loopgraven zitten.

De combinatie reuma, vermoeidheid (van ons beiden) en dat het zo snel donker wordt, zorgt ervoor dat we iets vaker moeten terugkomen dan gedacht. Hoewel het veel genoegdoening en afleiding geeft om zo bezig te zijn (ik merk dat ik minder kan malen over alles dat me dwars zit als ik gewoon dom sta te scheppen), eist het wel zijn tol. Tel daarbij op dat ik afgelopen weekend voor het eerst in mijn concertgaande leven eerder weg moest bij een festival omdat ik het fysiek gewoon niet meer trok. Dan begint het piekeren toch weer.

Noem het optimisme, noem het oogkleppen op hebben, maar toen we dit huis kochten had ik gehoopt nu echt wel beter te zijn en meer te kunnen. Eens te meer laat mijn lichaam me in de steek en doet het niet wat het moet doen, en dat ervaar ik als verschrikkelijk frustrerend. Hulp accepteren, laat staan vragen, is iets dat velen moeilijk afgaat - mijzelf incluis. Ik doe het graag alleen, hooguit met Geert. Maar met een deadline in het vooruitzicht ga ik me dan toch voor het eerst in deze onderneming zorgen maken. 14 februari gaan we namelijk verhuizen, en dat is stiekem al heel snel.



De tuin hoeft natuurlijk niet af, hell, zelfs de schuur niet per se, maar uiteindelijk moeten we wel kunnen verhuizen. Kan ik dat wel? Hoe gaan we dat doen als ik dan nog steeds niet kan tillen en sjouwen, en ik om de haverklap dreig flauw te vallen? We hebben geen familie om ons te helpen, er woont niemand in de buurt, wat nou als ik nog zieker word, moet Geert alles in zijn eentje gaan dragen en sjouwen terwijl ik daar maar een beetje mooi sta te wezen? Hij zit al tegen zijn limiet aan, wat nou als hij ook uitvalt?


Dat soort vragen zijn de afgelopen tijd door mijn hoofd gegaan, maar dat bleek uiteindelijk onnodig. Na een snelle rondvraag blijkt dat er ontzettend veel mensen zijn die willen meehelpen en daar zijn we zó blij mee. Wanneer je opgroeit met ouders die niet ouderen, komt het gewoon niet in je op dat mensen, zelfs je vrienden, je willen helpen. Niks persoonlijks, ik ben gewoon dom (en wellicht iets te vaak in de steek gelaten aldus (of door...) menig hulpverlener, maar ja - wie niet?). Maar dan wel dom te midden van een groep fijne en behulpzame mensen. Geert en ik doen nooit wat met Valentijnsdag (we kunnen elkaar ook alle andere dagen van het jaar pesten), maar dit voelt toch wel als een heel liefdevol cadeau. Onze oneindige dank gaat uit naar jullie, en ik zal dit vormgeven in snacks wanneer we gaan verhuizen. Maar dan niet in hartjesvorm, want het blijft een commerciële kutdag.
Met die last van onze schouders kunnen we in de vakantie met een gerust hart verder met doen alsof we Duitsers zijn in de tuin. Beetje loopgraven maken en bier drinken. Als ik daar niet spontaan weer borsthaar van krijg, weet ik het ook niet meer.

